#41 Re-integreren, wat kan je ervan leren

“Guys, dit is Jolien. Zij komt ons de komende periode ondersteunen. Daar ben ik zoals jullie weten ontzettend blij mee. Dus welkom in ons team!” was mijn introductie tijdens een stand-up. Een hippe vergadering die maximaal een half uurtje duurt en zoals het woord al suggereert, je al staande kort met elkaar afstemt. Iedereen mag onderwerpen inbrengen en de manager was zoals altijd picobello voorbereid. Ik glimlachte naar het team. Niet naar mezelf.

Daar stond ik dan. Het voelde ontzettend kwetsbaar. Alsof ik in het diepe sprong, terwijl ik al bijna 10 jaar bij deze organisatie werkte. Zelfs voor het tijdperk van ‘het nieuwe werken’, en ik had alle veranderingen van binnenuit meegemaakt. Ik was onderdeel van de verandering. Maar het leek alsof ik niet meer kon meebewegen.

Samen met mijn manager had ik een paar weken daarvoor een gesprek. Over mijn herstel, over de organisatie. Was er nog een match? Ik herinnerde me een koffiepraatje op de werkvloer. Over de snelheid van veranderingen. En dat als je daarin niet mee kon, je niet meer bij de organisatie paste. Was ik dan de enige die moeite had met alle veranderingen? Ik keek eens om mij heen.

Het was duidelijk dat ik niet meer op deze sneltrein kon. Maar eerst moest ik herstellen. En zo besloten we dat ik binnen een andere afdeling zou re-integreren. Dit andere team stond te springen om ondersteuning en was voor mij een goede oefening om mijn grenzen te verkennen. Ik maakte kennis met de manager, een mooie ambitieuze vrouw. Ze vertelde me ronduit over haar drijfveren en welke uitdagingen er lagen. Over een te drukke agenda en hoe blij ze was dat ik haar hierbij zou ondersteunen. Alle informatie duizelde me en ik probeerde me zo goed als mogelijk te focussen op dit gesprek. Eenmaal thuis was ik doodop.

Volgens mijn re-integratieplan zou ik een week later kennismaken met mijn nieuwe collega’s. Maar wat volgde was een weekend waarin ik werd overvallen door paniekaanvallen en moeheid. Hoe kon ik nu nog naar kantoor afreizen? Overspoeld door rillingen van de spanning en mijn oorsuizen bereikte een piek. Mijn lichaam schreeuwde: Nee!

Ik schaamde me ontzettend dat ik me op mijn eerste dag van re-integratie moest afmelden.

Een week later lukte het me wel, de trein te pakken en aanwezig te zijn. Daar stond ik dan. Te midden van allemaal professionals die vast niet begrepen hoe ik mij voelde. Om het ijs te breken had ik het team van tevoren een mailtje gestuurd met mijn introductie. Het leek me een goed idee het beestje maar bij de naam te noemen. Zo formuleerde ik een tekst waarin ik uitlegde dat ik zou re-integreren in mijn rol als assistent en hiermee zou werken aan mijn persoonlijke leerdoelen. Spannend om dan op ‘send ‘ te drukken. Want iemand die gaat re-integreren, die heeft toch gelijk een stempel? De reacties waren echter heel warm en positief.

Op advies van de arbo-arts zou ik voorlopig niet op de werkvloer zitten. Een afdeling wat bestaat uit flexplekken, aanlandwerkplekken, leestafels, zitjes en koffiehoekjes zou mij niet de rust en structuur bieden. Bovendien waren er meer mensen dan werkplekken wat altijd zorgde voor een overload aan prikkels. Wat ik nodig had was een rustige plek waar ik me kon concentreren. Om simpelweg weer te wennen aan beeldschermwerk, mailtjes beantwoorden en prioriteiten stellen. Dat deed ik ergens onderin het grote kantoorpand in een stil hoekje. Tussen andere collega’s waarvan ik de naam niet wist.

“Hoi, wat goed om je weer te zien! Hoe gaat het met je?” Een vraag die ik soms meerdere keren per dag kreeg. Het liefst zou ik willen wegduiken, het gesprek vermijden. Want wat vertel je nu precies? Het kost ontzettend veel energie om te vertellen hoe het echt met je gaat. Met het antwoord ‘goed’ kom je natuurlijk niet weg. Op advies van mijn psycholoog had ik een stukje tekst paraat. Voor die collega’s die met alle goede bedoelingen wilden weten hoe het met mij ging. Ik was immers maanden niet op kantoor geweest. Thuis had ik hardop geoefend op een paar regels die mijn situatie omvatten. Het gaf mij net die zekerheid dat ik niet in een warrig verhaal verstrengeld zou raken, of erger; vol zou schieten.

Misschien heb jij ook gesprekken met jouw leidinggevende of een arts over re-integreren. Maken jullie een plan met duidelijke afspraken. Wat op het ene moment een goed idee lijkt blijkt al snel te ambitieus te zijn. Ikzelf heb mijn plan zó vaak moeten wijzigen. Mijn aanwezigheid was in het begin zeer onregelmatig. Waar ik vroeger nooit een afspraak zou afzeggen, was ik nu degene die afhaakte. Mijn grenzen bewaken en het wennen aan alle prikkels waren mijn grootste uitdagingen. Ik realiseer me dat ik ontzettend veel geluk heb gehad dat ik heb mogen re-integreren in dit tempo. Niet iedere manager heeft begrip voor overspannenheid of burn-out. Toch blijft openheid en communicatie het allerbelangrijkste. Praat vanuit jezelf, vanuit jouw gevoel en leg de schuld niet bij een ander. Een goede manager zal jouw ziek zijn nooit ontkennen en een professionele manager durft zelfs te leren van jouw herstel. Want jij bent zeker niet alleen!

Posts created 47

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven